In het atelier van Elisabet Stienstra kreeg inmiddels ook de sokkel zijn vorm. De ene helft is een stapel stenen, de andere helft een grasheuveltje. De hier en daar flink beschadigde stenen herinneren aan de Roode Toren, onderdeel van de verdedigingsmuren van de stad. Juist op de plek waar het beeld komt te staan werd het hardst gevochten in 1573. Van de Roode Toren bleef niets over. De zware kanonnen van de Spanjaarden schoten de toren aan puin, een stapel stenen rest als getuige. In de nieuwe tijd is er letterlijk gras over gegroeid. Trijn staat straks met een been in haar geschiedenis en met het andere been in het nu.
De sokkel wordt in Pietrasanta in Toscane uitgevoerd in Pietra Serena, een blauwgrijze zandsteen die veel gebruikt wordt in de architectuur, vooral in Florence tijdens de Renaissance. Het staat ook bekend als Macigno-steen. Bij de firma Marble Studio Stagetti is de sokkel-opdracht in goede handen.



